Slider

Nieuwsbrief

Onze favorieten

Foto © Moniek Polak

Herman over Op weg naar vrijheid van Lammert Kamphuis

Filosoof Lammert Kamphuis filosofeert niet voor het filosoferen, maar voor het leven.

Als je geen zin hebt om honderden pagina’s stoïcijnen te lezen, lees dan Op weg naar vrijheid van Lammert Kamphuis; een prachtige bloemlezing stoïcijnse filosofie, op thema geordend zodat het ook voor een stoïcijnse leek te behappen is.

Vanuit de basisgedachte dat stoïcijns in het leven staan vrijheid geeft koppelt Kamphuis citaten van schrijvers als Seneca, Marcus Aurelius en Epictetus aan 21 zorgelijke zaken waar je stoïcijns vrij van kunt worden. Hij begint zijn bloemlezing in deze virustijden natuurlijk met vrij van ziekte. De aanwijzingen van Seneca – veracht de dood – en die van Epictetus – maak van de ziekte een sieraad – geven ruim stof tot nadenken. Na vrij van ziekte komen nog vrij van drukte, vrij van keuzestress, vrij van foute vrienden, vrij van armoede, vrij van zorgen, etc., etc.

Onthouden heb ik dat ja zeggen tegen het leven betekent dat je door de stroom wordt meegevoerd, terwijl nee zeggen betekent dat je erdoor wordt meegesleurd.

Het deed me even denken aan (misschien kent u hem nog) Frater Venantius met zijn beroemde lied ‘zeg maar ja tegen het leven anders zegt het leven nog nee.’

Ik doe m’n best.

Sinds 1987 is Herman Krans advocaat in Zutphen. Hij houdt zijn hele leven al van boeken (‘Wat is er leuker dan boeken?’) en werkt met groot genoegen op vrijdagavond en zaterdag in de winkel van zijn vrouw Ine.

ine in winkel_crop_186vertaald uit het Engels door Margarete Grose-Roolfs

Ine over Vogels als huisgenoten van Len Howard

‘Toen ik ’s winters eens drie weken ziek was speelden de mezen elke dag op mijn bed. (…) Ze paradeerden over mij heen, staart uitgespreid, vleugels half slepend, kopje hoog in de lucht. Ze maakten daarbij gekke geluidjes en zagen er zo dwaas uit dat ik mijn lachen niet kon inhouden.’

Len Howard (1894-1973) bestudeerde jarenlang de vogels in haar eigen huis en tuin. Als ze haar armen uitstak, kwamen daar meteen tientallen mezen en roodborstjes op zitten. De vogels voelden zich volkomen op hun gemak bij haar.

Howard was beroepsmusicus – ze speelde altviool in het London Symphony Orchestra – maar werd beroemd door haar kostelijke vogelobservaties. Ze kende alle vogels in haar tuin en gaf ze namen als Kaalkop, Grijsje en Kronkel. Ze fladderden door haar huis, deden een dutje op haar knie, wachtten haar op bij de bushalte en broedden in de vele nestkastjes die ze in de bomen rond haar huis ophing.

Als je Howards onvergetelijke boek leest, kun je maar één conclusie trekken: vogels zijn net zo slim als mensen en ze verdienen aanzienlijk meer respect dan ze doorgaans van ons krijgen. Gruwelijk is dan ook dat vlak na Howards dood de bomen in haar tuin werden gekapt; niets minder dan een terroristische aanslag. Howard moet zich in haar graf hebben omgedraaid.

Ine Soepnel studeerde Nederlandse taal- en letterkunde, werkte jarenlang in de uitgeverij en is sinds 1 februari 2015 boekhandelaar in de stad waarin ze al sinds 1985 woont.

Jacinthe 206hockney2 206

Jacinthe over A history of pictures van David Hockney en Martin Gayford

Stel je voor: je zit op een terras en hoort hoe aan het tafeltje naast je David Hockney in een vrolijk gesprek verwikkeld is met kunstcriticus Martin Gayford. Zo voelt het lezen van de begin dit jaar verschenen heruitgave van hun sprankelende en rijk geïllustreerde standaardwerk A History of Pictures.

Waar veel kunstgeschiedenissen schilderkunst en andere disciplines als fotografie en film strikt gescheiden houden, gaat dit boek over beeld in de breedste zin van het woord. Als de zoektocht van Hockney en Gayford iets duidelijk maakt is het wel dat al deze kunstvormen onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn; wie een still uit Disney’s ‘Pinocchio’ grondig bestudeert, ziet ineens parallellen met de Japanse prentkunst, en een foto van Marlene Dietrich blijkt opvallend veel gelijkenis te vertonen met de Mona Lisa. Maar: ‘Denk nooit dat een foto echter is dan een schilderij. Dat is hetzelfde als beweren dat Piero della Francesca met zijn fresco het bewijs voor de verrijzenis van Christus geleverd heeft’, aldus Hockney.

Laat je meevoeren en ontdek al bladerend de talloze dwarsverbanden. Voor (groot)ouders die hun enthousiasme willen overbrengen: bij Lemniscaat verscheen een al even prikkelende kindereditie van dit boek.

Jacinthe Sykora studeerde Franse taal- en letterkunde en werkte als vertaalster, onder meer bij het ministerie van Defensie. Na een verblijf van twee jaar in Italië kwam ze te werken in een boekhandel in Drenthe en vervolgens in Zutphen. Met twee jonge dochters zit ze thuis volop in de kinderboeken.

Monica

Foto © Jacinthe Sykora

vertaald uit het Frans door Gertrud Maes

Monica over Mathilde van Leila Slimani

Tegen de achtergrond van het Marokko van de jaren veertig en vijftig, tot 1956 een protectoraat van Frankrijk, wordt de Franse Mathilde, de grootmoeder van Leila Slimani, verliefd op Amine, een Marokkaanse officier in het Franse leger. Kort na de Tweede Wereldoorlog vertrekken ze samen naar Marokko, waar ze zich vestigen op Amines primitieve boerderij. Op zeer invoelende wijze beschrijft Slimani de spanningen in hun huwelijk. Mathilde mist de luxe van het westerse leven: mooie kleding, een bezoekje aan de bioscoop, een lekker geurtje. Amine, op zijn beurt, werkt keihard om zijn gezin van een toekomst te verzekeren, houdt zielsveel van zijn vrouw, maar verwacht ook dat zij zich aanpast aan de lokale Marokkaanse gebruiken.

De botsingen die dit oplevert – tussen twee mensen en tussen twee culturen – zijn even confronterend als menselijk. Maar uiteindelijk blijkt de kracht van de liefde toch de sterkste.

Monica Hulshof studeerde pedagogiek, maar toen ze in 1999 de kans kreeg bij Boekhandel Van Someren & Ten Bosch te komen werken, greep ze die met beide handen aan. Ze is lid van twee leesclubs, haar voorkeur gaat uit naar toegankelijke geschiedenisboeken.

Sterre 186

Sterre over Reis door mijn kamer van Maarten Biesheuvel

In deze tijd, waarin reizen niet vanzelfsprekend is, laat Biesheuvel in de bundel Reis door mijn kamer ons op meesterlijke wijze zien, dat wij niet ver weg hoeven te gaan voor nieuwe inzichten en bijzondere verhalen. Herinneringen lijken zich te vermengen met fantasie. In het titelverhaal neemt Biesheuvel ons mee door zijn ‘kamertje’ en geeft elk voorwerp een persoonlijke betekenis mee, waardoor je een goed beeld krijgt van zijn schrijverschap: ‘… dat zwart geschilderde blad waarop ooit onderzeeërs zijn ontworpen, daarna pakken door mijn moeder, daarna huwelijksgedichten door mijn vader, daarna verhalen van mezelf…

In Zieke dieren loopt een vader na een ruzie met zijn vrouw het water in en kijkt achterom waar hij zijn zoontje op de kant ziet staan, die het hele stuk achter hem aan is gerend en besluit dan toch naar huis te gaan: ‘mijn vader had nog nooit mijn hand gepakt, hij stopte mijn handje in de zak van zijn kiel, een diepe, warme, natte zak, en bleef mijn hand vasthouden.’ Zo leidt Biesheuvel ons langzaam het leven van een personage binnen, grijpt ons bij de keel met ontroerende beelden om ons uiteindelijk in stilte en eenzaamheid achter te laten.

De verhalen roepen vragen op, halen herinneringen naar boven en voor je het weet, maak je zelf een denkbeeldige reis door je kamer.

Sterre van den Berg (2002) heeft in 2020 haar vwo afgerond. Ze studeert Nederlandse taal en cultuur aan de Radboud universiteit in Nijmegen. Ze is dol op literatuur en prentenboeken, speelt in haar vrije tijd graag viool en schildert en tekent veel.

 

Inschrijven nieuwsbrief