Slider
< terug naar eerdere favorieten

Jacinthe over Het boek van Jongen

Geiten, wolven, een ridder te paard, een haan die onder de rokken van een non vandaan fladdert, een galjoen en de vele torens van Rome; de houtsnede-achtige illustraties op het omslag van Het boek van Jongen beloven veel goeds. De Amerikaanse Catherine Gilbert Murdock – in Nederland nog onbekend – won met dit middeleeuwse avontuur de Newberry Honor (vergelijkbaar met de Zilveren Griffel).

In het door de pest geteisterde Frankrijk van 1350 slijt een trouwhartige, argeloze jongen (‘Niet “een” jongen. “Jongen”. Zo heet ik.’) zijn dagen als gebochelde geitenhoeder tot hij de knecht wordt van Secundus; een mysterieuze pelgrim die bezig is aan een voettocht naar Rome. Samen moeten zij zeven heilige voorwerpen (rib, tand, duim, scheen, stof, hoofd, graf) zien te verzamelen die Secundus toegang zullen verschaffen tot het paradijs. Jongen zegt toe in de hoop in Rome van zijn bochel te worden genezen. Maar waarom stinkt Secundus zo naar zwavel? En nog raadselachtiger; waarom eet Jongen niet? Hoe komt het dat hij met dieren kan praten? ‘Laat jezelf nooit zien’, is de enige les die zijn opvoeder pater Petrus hem heeft meegegeven. Gaandeweg komt hij erachter dat de bochel misschien niet zijn grootste probleem is. Een barok verhaal over goed en kwaad, zowel lief als woest en mooi eenvoudig opgeschreven. Vanaf 10 jaar.

Inschrijven nieuwsbrief