Banner trap
< terug naar favorieten

Herman over De laatste heer van Astrid Schutte

In De laatste heer – Hoe de bevoorrechte klasse in Nederland plaatsmaakte voor de gewone man beschrijft Astrid Schutte  de geschiedenis van twee mannen, haar vader, de arme pachterszoon Jan Schutte, en Werner Helmich,  niemand minder dan de heer van Baak. Maar zoals de titel al verklapt: het zou de laatste heer van Baak zijn. En de arme tuinderszoon? Die werd bankdirecteur. Ze beschrijft die geschiedenissen met een fijn oog voor details, en telkens tegen de achtergrond van de veranderende maatschappij als geheel.

De veranderingen zijn soms relatief: de grootvader van Werner Helmich wordt in Baak ingehaald met een escorte van 90 of misschien wel 150 ruiters, terwijl Werner het moet doen met een escorte van 10 (twee herauten op schimmels en 8 ruiters op Gelders vossen). De veranderingen zijn vaker fundamenteel: de groei van de kredieten van de (boerenleen-)banken, de ontkerkelijking, het definitieve einde van de onderhorigheid van pachters, schaalvergroting en, hoofdmoot van het boek, natuurlijk de nieuwe mogelijkheid voor de een om hogerop te komen en de onmogelijkheid voor de ander om te blijven teren op oud familiebezit.

Voor mij zat het leesplezier vooral in de lokale geschiedenis en in de persoonlijke verhalen. Van de lokale geschiedenis komt onder meer het tuindersdorp de Hoven voorbij, de tramlijn Zutphen-Emmerik, de plaatselijke bank en de pachtcontracten.

Sinds 1987 is Herman Krans advocaat in Zutphen. Hij houdt zijn hele leven al van boeken (‘Wat is er leuker dan boeken?’) en werkt met groot genoegen op vrijdagavond en zaterdag in de winkel van zijn vrouw Ine.

Inschrijven nieuwsbrief