< terug naar nieuwsbrief

De leesclub van…

Peter, Josine, Yvonne, Ageeth, Bob en Wim (vlnr)


De leesclub zonder naam of Leesclub 2.0

Eigenlijk heeft deze leesclub geen naam, maar na enig aandringen is het toch Leesclub 2.0, in kleine kring bekend om haar spijs-boek-combinaties. Bij Het oude land at de leesclub zuurkool met braadworst, bij Hillbilly Elegy hamburgers en De tolk van Java werd besproken onder het spreekwoordelijke genot van een Indische maaltijd. Leesclub 2.0 weet dat een leesclubboek meer moet zijn dan letters op papier, meer moet zijn dan het product van een al dan niet bijzondere schrijver.

Bij de leesclub van Ageeth, Bob, Josine, Peter, Wim en Yvonne staat niet de mens achter de schrijver, maar de mens achter de lezer centraal. ‘We hebben het niet over elkaars leven maar we leren elkaar toch goed kennen.’

De leesclub bestaat al tientallen boeken en de samenstelling is bewust divers. Hoe meer verschillende stemmen hoe beter. Democratisch is Leesclub 2.0 daarbij niet want meestal drukt dezelfde persoon het volgende boek erdoor.

Een terugkerend thema bij Leesclub 2.0 is, zoals ze het zelf een beetje duur formuleren: ‘Het accepteren van de non-duiding.’ Niet: wat betekent het boek nu precies?, maar: Wat vind je van het boek, wat bracht het jou? Daarover doorpratend blijkt al snel dat ook in deze leesclub iedereen op eigen wijze boeken leest en waardeert.

Het moet in ieder geval grappig zijn zegt het leesclublid met de gulste lach. Opvallend veel leden noemen het doormijmerpotentieel. Hoe lang na lezing blijf je nog met het boek rondlopen?

Een boek is pas mooi, vindt het gastmens van vanavond, als het een nieuw inzicht oplevert en een ander lid van deze club kan eigenlijk niet zonder onoplosbare dilemma’s in te lezen boeken. Die horen bij het leven en dus ook bij boeken. Weer een ander kan niet zonder zingend ritme: ‘Ik stop met voorlezen aan mijn kinderen als het ritme niet deugt.’

Het oudste lid van Leesclub 2.0 zegt het voor zichzelf, maar eigenlijk voor iedere lezer: ‘Het boek moet rijmen met een deel van mijn eigen leven, zielsverwantschap hoop je te vinden.’

Alle zes, Ageeth, Bob, Josine, Peter, Wim en Yvonne waarderen boeken om andere redenen, en allemaal blijven ze dromen van de roman of de schrijver die maximaal rijmt met hun eigen leven. Bij een van hen kwam die droom jaren geleden al uit: met het werk van James Joyce voelt hij een grote zielsverwantschap en zoals dat gaat: waar het hart vol van is, stroomt de mond van over en daarom leest hij op iedere leesclubavond een hoofdstuk uit Ulysses voor. En dat doet hij, zeggen de anderen, zo verschrikkelijk mooi dat de stilte eromheen haast devoot wordt.

Dit laatste bracht uw interviewer van dienst op de gedachte dat leesclubs fantastisch zijn omdat je – onbedoeld en misschien zelfs onbewust – iets wezenlijks van jezelf met anderen deelt zonder dat je het over jezelf hebt. Kortom: leve het boek en leve de leesclub!

Herman Krans

Inschrijven nieuwsbrief